Categorie: Algemeen

  • Dit moet je weten over wanneer je met pensioen gaat

    Dit moet je weten over wanneer je met pensioen gaat

    De algemeen geldende regels in Nederland bepalen vanaf wanneer je met pensioen kunt gaan en wanneer je recht hebt op de AOW. Toch zijn er vaak veel vragen over dit onderwerp, omdat niet iedere situatie hetzelfde is. In deze blog lees je helder uitgelegd wat met pensioen gaan in Nederland betekent, hoe de AOW-leeftijd werkt en welke keuzes je zelf hebt.

    De AOW-leeftijd in Nederland

    Voor vrijwel alle Nederlanders is de AOW-leeftijd belangrijk. De Algemene Ouderdomswet (AOW) zorgt ervoor dat je vanaf een bepaalde leeftijd een uitkering krijgt van de overheid. Die leeftijd heet de AOW-leeftijd. De AOW-leeftijd is niet altijd hetzelfde voor iedereen. Deze leeftijd hangt af van je geboortedatum en van hoe oud mensen in Nederland gemiddeld worden. De regering bekijkt ieder jaar of de leeftijd omhoog moet, omdat mensen steeds ouder blijven.

    Op dit moment krijgen mensen hun AOW als ze rond de 67 jaar zijn. Ben je later geboren, bijvoorbeeld na 1964, dan kan jouw AOW-leeftijd hoger zijn. Op websites van de overheid kun je jouw AOW-leeftijd berekenen. Hier voer je je geboortedatum in en zie je meteen hoe oud je moet zijn om deze uitkering te krijgen. Wie recht heeft op AOW, krijgt dit elke maand automatisch uitbetaald. Het maakt niet uit of je gewerkt hebt of niet. De hoogte van het bedrag hangt af van hoeveel jaar je in Nederland hebt gewoond of gewerkt.

    Met pensioen gaan: zelf kiezen kan ook

    Naast de AOW is er je pensioen van je werk. Veel mensen bouwen via hun werkgever pensioen op. Je mag dit pensioen al eerder laten ingaan dan de datum waarop je AOW begint. Vaak kun je kiezen om bijvoorbeeld op je 62ste te stoppen met werken, als je genoeg pensioen hebt opgebouwd. Maar als je voor je AOW-leeftijd met pensioen gaat, moet je soms een paar jaar overbruggen. In die periode krijg je nog geen AOW en moet je dus rondkomen van je eigen pensioen of spaargeld.

    Sommige mensen blijven juist graag langer doorwerken. Je mag in Nederland gewoon blijven werken ná je AOW-leeftijd. Soms kun je ook met je werkgever afspreken om minder te werken in de laatste jaren. Dit heet flexibel met pensioen gaan. Je krijgt dan bijvoorbeeld voor een deel pensioen en voor een deel salaris. Zo kun je langzaam wennen aan het pensioenleven en blijft je inkomen stabieler.

    Andere mogelijkheden en keuzes rondom pensioen

    De meeste pensioenfondsen bieden verschillende opties aan. Denk aan eerder of later je pensioen laten ingaan. Besluit je om met pensioen te gaan vóór je AOW-leeftijd, dan krijg je vaak elke maand een lager bedrag omdat er langer uitbetaald moet worden. Ga je juist later met pensioen, dan valt het maandbedrag vaak wat hoger uit. Veel mensen kiezen ervoor om de pensioenbetalingen tijdelijk te verhogen in de eerste jaren, als ze net met pensioen zijn. Dat heet een hoog-laag constructie: eerst krijg je meer, daarna wat minder.

    Wat ook speelt: als je in het buitenland hebt gewoond of gewerkt, kan dat invloed hebben op je AOW. De algemeen bekende regel is: voor elk jaar dat je in Nederland woont tussen je vijftiende en je AOW-leeftijd bouw je twee procent AOW op. Heb je een paar jaar in het buitenland doorgebracht, dan krijg je dus minder AOW en moet je dat missen in je maandelijkse uitkering.

    Goed plannen geeft rust

    Voor iedereen is het belangrijk om tijdig na te denken over stoppen met werken. Bekijk eerst hoeveel pensioen je hebt opgebouwd via je werkgever. Kijk daarna naar je spaargeld en naar de hoogte van je AOW. Door alles op een rij te zetten, weet je beter wanneer je kunt stoppen. Je kunt bij verschillende instanties digitaal zien hoe hoog jouw pensioen en AOW straks zijn. Het helpt om dit op tijd te doen, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.

    Voor sommige mensen is het verstandig om advies te vragen aan een pensioenadviseur. Zo krijg je duidelijkheid over de mogelijkheden in jouw situatie. Of je nu eerder of juist later wilt stoppen, uiteindelijk is de voorbereiding vaak het belangrijkst. Hoe eerder je hierover nadenkt, hoe meer je kunt regelen.

    Veelgestelde vragen over wanneer met pensioen

    • Wat is het verschil tussen AOW en pensioen?

      AOW is een basisuitkering van de overheid die je krijgt vanaf je AOW-leeftijd. Pensioen is het geld dat je opbouwt via je werk. Beide samen vormen je inkomen als je met pensioen bent.

    • Kan ik eerder stoppen met werken dan mijn AOW-leeftijd?

      Je kunt eerder stoppen met werken als je genoeg pensioen of spaargeld hebt om van te leven tot je AOW begint. Je ontvangt dan dus nog geen AOW, alleen je eigen pensioen of spaargeld.

    • Mag ik blijven werken na mijn AOW-leeftijd?

      Je mag na je AOW-leeftijd blijven werken. Je ontvangt dan gewoon AOW én eventueel salaris van je baan.

    • Wat gebeurt er als ik in het buitenland heb gewoond?

      Als je in het buitenland hebt gewoond, is je AOW meestal lager. Voor elk jaar buiten Nederland krijg je 2 procent minder AOW. Je pensioen vanuit je werk kan hierdoor ook anders zijn.

    • Hoe weet ik hoeveel pensioen ik krijg?

      Op de website mijnpensioenoverzicht.nl kun je zien hoeveel pensioen je hebt opgebouwd bij verschillende werkgevers. Hier zie je ook een overzicht van je verwachte inkomen na je pensioen.

  • Een goed pensioen: financieel voorbereid op je oude dag

    Een goed pensioen: financieel voorbereid op je oude dag

    Waar bestaat jouw pensioen uit

    Iedereen in Nederland ontvangt standaard een AOW-uitkering van de overheid. De hoogte hiervan hangt af van je leeftijd en woonsituatie.

    Heb je daarnaast gewerkt als werknemer, dan bouw je meestal via je werkgever aanvullend pensioen op bij een pensioenfonds. Verder kun je zelf een extra potje spa­ren of beleggen voor later. Zo bestaat je pensioen uit drie delen: AOW, het pensioen dat je opbouwt in loondienst en het geld dat je zelf opzij zet. Het is verstandig om duidelijk inzicht te hebben in wat je tot nu toe hebt opgebouwd. Dit helpt je om te bekijken of je straks genoeg hebt om van te leven op een manier die bij jou past.

    • AOW
    • Het pensioen dat je opbouwt in loondienst
    • Het geld dat je zelf opzij zet

    Hoe bereken je wat genoeg is

    De vuistregel die vaak wordt gebruikt, is ongeveer zeventig procent van je bruto inkomen voorafgaand aan je pensioen. Hiermee kun je kosten blijven betalen, terwijl sommige lasten misschien lager uitvallen dan tijdens je werkende leven.

    Je hoeft bijvoorbeeld geen pensioenpremie meer te betalen en soms zijn de kinderen al de deur uit.

    Toch hebben sommige mensen meer of juist minder nodig, afhankelijk van hun wensen na het pensioen. Denk aan verre reizen, hobby’s of juist een soberder leven. Wat een goed pensioen is, kan dus per persoon verschillen, maar deze algemene rekenregel geeft de meeste mensen een handig startpunt.

    Je pensioen op tijd controleren en aanpassen

    Via de website Mijnpensioenoverzicht.nl kun je makkelijk controleren hoeveel pensioen en AOW je samen hebt opgebouwd. Je ziet dan hoeveel inkomen je krijgt na je pensioen, inclusief een overzicht van pensioen bij verschillende werkgevers.

    Vaak schrikken mensen als ze zien dat het bedrag lager uitvalt dan gehoopt, vooral als je van baan bent gewisseld of niet altijd hebt gewerkt. Gelukkig kun je, als je dit op tijd weet, vaak nog iets extra’s regelen, zoals zelf sparen of langer doorwerken. Ook kun je soms de uitkering van je pensioen naar voren halen of juist uitstellen, afhankelijk van je persoonlijke situatie. Regelmatig je stand van zaken bekijken helpt om goed voorbereid te zijn.

    Tips om je pensioen te verbeteren

    Het is slim om op tijd na te denken over je inkomsten later. Begin al op jonge leeftijd met het opzoeken van informatie, zodat je weet wat je kunt verwachten. Als blijkt dat je te weinig pensioen opbouwt, zijn er verschillende manieren om bij te sturen. Denk aan het maken van een extra spaarrekening, het kopen van een lijfrente of het verhogen van je inleg bij je pensioenregeling. Ook kun je bespreken met je werkgever of je meer pensioen wilt opbouwen via het werk. Een extraatje hoeft niet altijd veel te zijn; ook kleine bedragen kunnen later groot verschil maken. Deel je plannen zo nodig met een financieel adviseur als je wilt weten wat er mogelijk is. Op deze manier ben je goed voorbereid op de toekomst en kun je blijven leven zoals je zou willen, ook als je stopt met werken.

    • Maak een extra spaarrekening
    • Koop een lijfrente
    • Verhoog je inleg bij de pensioenregeling
    • Bespreek met je werkgever of je meer pensioen wilt opbouwen via het werk
    • Ook kleine bedragen kunnen later groot verschil maken
    • Deel je plannen met een financieel adviseur

    Veelgestelde vragen over een goed pensioen

    Hoe kan ik mijn totale pensioeninkomen bekijken? Je kunt op Mijnpensioenoverzicht.nl inloggen met je DigiD. Daar zie je eenvoudig wat je tot nu toe hebt opgebouwd met je AOW en pensioen via werkgevers.

    Wat kan ik doen als mijn verwachte pensioen lager is dan ik wil? Als jouw pensioeninkomen minder is dan je zou willen, kun je zelf extra sparen, geld beleggen voor later of mogelijk je pensioenuitkering laten verhogen. Soms kun je ook afspraken maken met je werkgever over extra pensioenopbouw.

    Is sparen naast de AOW en het werkgeverspensioen echt nodig? Zelf sparen is niet verplicht. Toch is het in sommige gevallen slim, vooral als je werkloos bent geweest, zzp’er bent of lang minder hebt gewerkt. Zo vang je eventuele gaten in je pensioen op.

    Mag ik eerder stoppen met werken als ik genoeg pensioen heb opgebouwd? Vroeger stoppen met werken is mogelijk als jouw opgebouwde pensioeninkomen toereikend is. Houd er rekening mee dat je pensioenuitkering dan meestal eerder wordt uitgekeerd en daardoor lager kan zijn per maand.

    Waar kan ik terecht voor persoonlijk advies over mijn pensioen? Je kunt terecht bij je pensioenfonds, een financieel adviseur of via informatie op websites zoals Mijngeldzaken.nl of de site van de overheid.

  • Wat houd je over van 1500 bruto pensioen per maand?

    Wat houd je over van 1500 bruto pensioen per maand?

    Wat houd je over van 1500 bruto pensioen per maand? Als je wilt weten wat het verschil is tussen 1500 euro bruto pensioen en het bedrag dat je uiteindelijk op je rekening krijgt, dan is het goed om eens algemeen te kijken naar hoe pensioen werkt. Je pensioenbedrag kan op het eerste gezicht hoog lijken, maar er gaat altijd eerst belasting en andere kosten vanaf. Het bedrag dat je uiteindelijk krijgt, heet het netto pensioen. Je leest hier wat je ongeveer overhoudt van 1500 euro bruto pensioen per maand, waar je op moet letten en welke zaken invloed hebben op het bedrag dat je netto ontvangt.

    Waarom bruto pensioen anders is dan netto pensioen

    Het verschil merk je meteen: bruto pensioen is het bedrag voordat er kosten en belasting vanaf gaan. Dit lijkt misschien veel, maar het is niet wat je werkelijk elke maand krijgt. Net als bij loon geldt bij pensioen dat een deel naar de belastingdienst gaat. Ook worden soms een bijdrage voor de zorgverzekering of andere premies ingehouden. Het uiteindelijke bedrag na aftrek van alles heet het netto pensioen. Dit is het bedrag dat op je rekening wordt gestort. Bij het bepalen van het netto bedrag is het in Nederland algemeen zo dat de hoogte van je bruto bedrag, je leeftijd en of je al AOW krijgt, invloed hebben op de uiteindelijke uitbetaling.

    Belasting en premies: zo wordt netto pensioen berekend

    Belasting is een van de grootste verschillen tussen bruto en netto bedragen. Iedereen in Nederland betaalt belasting over inkomsten, dus ook over pensioen. De hoogte van de belasting hangt af van je leeftijd en van de hoogte van je totale inkomen. Wie ouder is dan de AOW-leeftijd betaalt soms minder belasting, omdat dan een lager tarief geldt. Ook wordt er een bijdrage voor de basiszorgverzekering ingehouden op het pensioen. Soms zijn er nog andere inhoudingen, zoals een bijdrage aan een pensioenkas. Dit alles samen bepaalt hoeveel je netto overhoudt. Als vuistregel kun je stellen dat van 1500 bruto pensioen per maand je meestal ongeveer 70 tot 80 procent netto overhoudt. Dit betekent dat je rekening kunt houden met ongeveer 1050 tot 1200 euro netto per maand, afhankelijk van je situatie. Op het internet zijn rekentools beschikbaar waarmee je dit snel kunt controleren, maar het is goed te weten dat dit een algemeen beeld geeft.

    Invloed van AOW en andere inkomsten op je netto pensioen

    Meestal ontvangt iemand naast pensioen ook AOW. De AOW is een uitkering van de overheid die iedere Nederlander na zijn AOW-leeftijd ontvangt. Als je AOW ontvangt, kan dit van invloed zijn op de belasting die je betaalt over je overige pensioen. Heb je alleen pensioen zonder AOW, bijvoorbeeld omdat je eerder stopt met werken, dan betaal je vaak meer belasting en houd je minder netto over. Ook is het zo dat als je naast pensioen en AOW nog andere inkomsten hebt, bijvoorbeeld inkomsten uit werk of spaargeld, je in een hoger belastingtarief kunt vallen. Zo daalt het percentage van je bruto pensioen dat je netto overhoudt als je totale inkomen stijgt. Kortom, je netto pensioen is niet voor iedereen gelijk, zelfs niet als het bruto bedrag hetzelfde is. De algemene regel is dat je meer overhoudt na AOW-leeftijd en bij alleen een pensioen zonder andere inkomsten minder.

    Toeslagen, vakantiegeld en andere extra’s

    Naast pensioen kun je soms recht hebben op extra toeslagen van de overheid, zoals huurtoeslag of zorgtoeslag. De hoogte hiervan hangt af van je netto inkomen. Met een netto pensioen van rond de 1100 euro per maand kun je in aanmerking komen voor deze extra’s. Ook zit er in het netto pensioen vaak een klein deel vakantiegeld verwerkt. Dit wordt meestal niet apart uitbetaald, maar verspreid over de maanden. Controleer altijd goed of je recht hebt op extra toeslagen en houd er rekening mee dat deze kunnen veranderen als je inkomen wijzigt. Bij 1500 euro bruto pensioen per maand met alleen AOW erbij kom je soms in aanmerking voor toeslagen, vooral bij een laag gezamenlijk inkomen.

    Meest gestelde vragen over 1500 bruto pensioen en het netto bedrag

    • Wat is het verschil tussen bruto pensioen en netto pensioen?

      Bruto pensioen is het bedrag vóór aftrek van belasting en inhoudingen. Netto pensioen is het bedrag dat je daadwerkelijk op je rekening krijgt, nadat belasting, zorgverzekering en eventuele andere kosten eraf zijn gehaald.

    • Hoeveel houd ik netto over van 1500 euro bruto pensioen per maand?

      Van 1500 euro bruto pensioen per maand houd je meestal tussen de 1050 en 1200 euro netto over. Het exacte bedrag hangt af van je leeftijd, of je AOW krijgt en of je nog andere inkomsten hebt.

    • Heeft AOW invloed op de hoogte van mijn netto pensioen?

      Ja, als je AOW ontvangt betaal je vaak minder belasting over je pensioen, waardoor je meer netto overhoudt. Zonder AOW betaal je meer belasting en hou je dus minder netto pensioen over.

    • Waarom verschilt netto pensioen per persoon?

      Netto pensioen verschilt per persoon door verschillen in leeftijd, het ontvangen van AOW, andere inkomsten en de hoogte van het bruto pensioen. Ook de persoonlijke situatie en het belastingtarief spelen een rol.

    • Heb ik recht op toeslagen met een netto pensioen van ongeveer 1100 euro?

      Afhankelijk van je totale inkomen en persoonlijke situatie kun je met een netto pensioen van rond de 1100 euro per maand soms recht hebben op huurtoeslag of zorgtoeslag.

  • Hoeveel procent pensioen krijg je van je salaris? Dit kun je verwachten

    Hoeveel procent pensioen krijg je van je salaris? Dit kun je verwachten

    Hoeveel procent pensioen van salaris je later ontvangt, hangt van veel dingen af. Veel mensen horen dat ze ongeveer zeventig tot tachtig procent van hun vroegere loon krijgen, maar het uiteindelijke bedrag is vaak lager of juist hoger. Het is verstandig om al vroeg te weten wat normaal is én hoe het in het algemeen werkt, zodat je niet voor verrassingen staat als je stopt met werken.

    De opbouw van pensioen stap voor stap uitgelegd

    In Nederland bestaat het pensioen voor de meeste mensen uit drie delen. Het eerste deel is de AOW, een uitkering van de overheid zodra je de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. AOW is een vast bedrag en niet afhankelijk van je oude loon. Het tweede deel bouw je meestal op via je werk. De werkgever en werknemer betalen daarvoor samen pensioenpremie. Het derde deel is alles wat je zelf nog spaart of belegt voor later. Dat samen bepaalt hoeveel je straks per maand ontvangt als je met pensioen bent.

    Het percentage van je salaris dat je als pensioen ontvangt

    Uit onderzoek en algemene informatie blijkt dat veel Nederlanders mikken op een pensioen van ruim zeventig procent van het gemiddelde loon dat ze hadden toen ze werkten. Voor sommige mensen is dit zeventig procent, voor anderen tachtig procent. Dit hangt onder andere af van je dienstjaren, de sector waarin je werkte en je persoonlijke keuzes in het verleden. Dit cijfer van zeventig tot tachtig procent wordt vaak als richtlijn gebruikt om prettig te kunnen leven na je werkende leven.

    De premie en de verdeling tussen werkgever en werknemer

    Elke maand betaal je samen met je werkgever pensioenpremie. Dit is het geld dat opzij wordt gezet voor je oudedag. Meestal is dit tussen twintig en vijfentwintig procent van je salaris, maar het precieze percentage verschilt per bedrijf of sector. De werkgever betaalt meestal het grootste deel en een klein deel komt uit je eigen brutosalaris. Niet elk bedrijf biedt een pensioenregeling aan. Werk je bij een kleine onderneming of heb je een flexibel contract, dan kan het zijn dat je zelf meer moet regelen voor een goed pensioen.

    Wat kun je doen als het percentage lager uitvalt

    Soms komt je pensioen lager uit dan je verwacht of gehoopt had. Dit gebeurt bijvoorbeeld als je weinig jaren hebt gewerkt, wisselt van baan, of als je in loondienst en als zelfstandige hebt gewerkt. Ook kun je tussen periodes zonder werk of door parttime werk minder opbouwen. Veel mensen kiezen er dan voor om zelf extra te sparen of beleggen, zodat het pensioen beter past bij hun wensen. Dit kun je doen met een aanvullende pensioenrekening, lijfrente, of gewoon via een gewone spaarrekening.

    De verschillen per sector en persoonlijke situatie

    Niet iedereen krijgt straks hetzelfde percentage van het oude loon als pensioen. Zo zijn er sectoren waar de pensioenregeling beter is en je hoger uitkomt. In andere sectoren is de regeling juist soberder en bouw je bijvoorbeeld slechts vijftig procent van je laatst verdiende loon op. Ben je zelfstandig zonder personeel, dan mis je het stuk dat de werkgever toevoegt. Je bent dan volledig aangewezen op je eigen spaarplan. Voor veel Nederlanders geldt dat het goed is om af en toe na te kijken hoeveel pensioen je nu hebt opgebouwd, zodat je een algemeen beeld krijgt en op tijd kunt bijsturen.

    Meest gestelde vragen over het percentage pensioen van je salaris

    • Hoe wordt het percentage van mijn pensioen berekend?

      Het percentage wordt bepaald door het bedrag dat je samen met je werkgever inlegt, het aantal jaren dat je gewerkt hebt en de regels van de pensioenregeling waaronder je valt. Bij sommige bedrijven telt alleen het jaarsalaris, bij andere telt het gemiddelde loon tijdens je werkende leven.

    • Krijg ik gegarandeerd zeventig tot tachtig procent van mijn salaris als pensioen?

      Nee, het genoemde percentage is een algemeen streven. In werkelijkheid sluiten minder mensen precies op deze procenten aan. Door parttime werken, losse banen of een periode zonder werk kan het lager uitvallen. Extra sparen voor je pensioen kan helpen om het gemiddelde te halen.

    • Is het pensioen in alle sectoren gelijk geregeld?

      Nee, pensioenregelingen verschillen per sector. In de ene branche zijn de regels strenger en krijg je een hoger percentage, terwijl de andere sector minder genereus is. Check daarom altijd je eigen pensioenregeling om te weten waar je recht op hebt.

    • Wat gebeurt er als mijn werkgever geen pensioen aanbiedt?

      Als je werkgever geen pensioen voor je opbouwt, ben je helemaal aangewezen op je eigen spaargeld en de AOW. Het is dan slim om zelf iedere maand geld apart te zetten of te beleggen, zodat je straks voldoende hebt om van te leven.

  • Zelf pensioen opbouwen: hoeveel per maand moet je sparen?

    Zelf pensioen opbouwen: hoeveel per maand moet je sparen?

    Zelf pensioen opbouwen is algemeen iets waar steeds meer mensen mee bezig zijn. Veel Nederlanders krijgen naast de AOW geen of weinig aanvullend pensioen van een werkgever. Dat betekent dat je zelf moet zorgen voor extra inkomen als je later wilt stoppen met werken. Maar hoeveel zet je dan iedere maand opzij?

    Waarom zelf pensioen opbouwen voor veel mensen nodig is

    Steeds minder mensen bouwen automatisch een volledig pensioen op via hun werkgever. Vooral zzp’ers, ondernemers en mensen die vaak van baan wisselen, hebben een grotere kans op een pensioentekort. De overheid geeft AOW, maar dit bedrag is alleen genoeg voor basisbehoeften. Wil je straks meer dan alleen de vaste lasten kunnen betalen, dan is het handig zelf iets opzij te zetten. Ook als je tijdelijk of langere periodes niet hebt gewerkt, bijvoorbeeld door zorg voor kinderen of werkloosheid, kun je later minder pensioen krijgen.

    Bepalen hoeveel je zelf wilt sparen voor later

    Om te weten hoeveel je wilt sparen, moet je kijken naar het verschil tussen het inkomen dat je nu hebt en het bedrag dat je verwacht te krijgen na je pensioen. Start met uitzoeken hoeveel AOW je ontvangt en hoeveel pensioen je misschien al hebt opgebouwd. Dit kun je terugvinden op Mijnpensioenoverzicht.nl. Trek het bedrag van je verwachte uitgaven daarvan af. Zo zie je direct hoeveel je zelf extra moet sparen om je huidige levensstijl vol te houden.

    Rekenvoorbeeld: zo bereken je het maandbedrag

    Stel, je denkt straks 800 euro per maand tekort te komen. Je wilt vanaf je 67ste nog twintig jaar van dit extra bedrag leven. Dan heb je 20 jaar x 12 maanden x 800 euro nodig: dat is totaal 192.000 euro. Als je nu 40 bent, heb je nog 27 jaar om te sparen. Deel het totale bedrag door het aantal maanden tot je pensioen: 192.000 euro gedeeld door 324 maanden is ongeveer 593 euro per maand. Dit is een algemeen voorbeeld: het precieze bedrag wisselt per persoon en hangt af van je spaardoel, je leeftijd en het rendement op je spaargeld. Zet je geld bijvoorbeeld op een spaarrekening met rente of kies je voor beleggen, dan heb je mogelijk minder nodig doordat je spaargeld groeit.

    Manieren om je pensioen op te bouwen

    Er zijn verschillende manieren om iets voor je oude dag te reserveren. Veel mensen kiezen voor sparen op een gewone spaarrekening. Simpel en veilig, maar de rente is vaak laag. Wil je meer kans op groei? Dan kun je kiezen voor beleggen in pensioenfondsen, of via een lijfrente. Let er wel op dat beleggen risico’s heeft: je kunt geld verliezen, maar je maak ook meer kans op hogere opbrengst. Ook kun je je huis gebruiken als spaarpot. Bijvoorbeeld door straks kleiner te gaan wonen en overwaarde te gebruiken. Denk goed na over wat bij jou past. Voor sommige mensen is een mix van deze vormen het prettigst.

    Tips om succesvol zelf pensioen op te bouwen

    Begin op tijd, al is het bedrag klein. Door vroeg te starten met sparen, profiteer je van rente op rente. Zet je doelen niet te hoog, maar kijk wat maandelijk goed te doen is. Automatisch sparen helpt: stel elke maand een vast bedrag in. Evalueer ieder jaar je situatie, kijk of je bedrag nog past bij je inkomen en je wensen. Niet iedereen vindt het makkelijk om dit allemaal uit te zoeken. Vraag eventueel advies aan een deskundige of gebruik online rekentools. Door helder te blijven kijken naar je wensen en mogelijkheden, voorkom je verrassingen later.

    Veelgestelde vragen over zelf pensioen opbouwen: hoeveel per maand

    • Hoe bepaal ik of ik genoeg pensioen opbouw?

      Om te weten of je genoeg opbouwt voor je pensioen, vergelijk je het verwachte pensioeninkomen met wat je straks per maand wilt uitgeven. Kijk op Mijnpensioenoverzicht.nl en reken uit hoeveel je per maand tekort komt.

    • Wat gebeurt er als ik te weinig spaar voor mijn pensioen?

      Als je te weinig spaart, heb je straks mogelijk minder geld dan je nodig hebt. Je moet dan mogelijk bezuinigen op je vaste lasten, hobby’s of leuke dingen. Je kunt dit voorkomen door op tijd je maandbedrag aan te passen.

    • Is beleggen veiliger of sparen voor mijn pensioen?

      Beleggen voor je pensioen kan meer opleveren, maar is minder veilig dan sparen. Je loopt risico om geld te verliezen. Sparen op een spaarrekening geeft zekerheid, maar meestal groeit je geld trager.

    • Hoe vaak moet ik controleren of ik nog goed zit met mijn pensioenplanning?

      Het is verstandig om ieder jaar te kijken of je pensioenplanning nog past bij je situatie. Zo kun je steeds bijsturen als je inkomen of wensen veranderen.

    • Tot welke leeftijd kan ik doorsparen voor pensioen?

      Je kunt tot je pensioendatum blijven sparen. Hoe langer je spaart, hoe meer voordeel je hebt door rente of groei van je beleggingen. Het is nooit te laat om te beginnen, maar eerder starten geeft vaak het beste resultaat.

  • Vanaf achttien jaar bouw je pensioen op: wat betekent dat voor jou?

    Vanaf achttien jaar bouw je pensioen op: wat betekent dat voor jou?

    Algemeen is in Nederland geregeld dat je pensioen opbouwt zodra je ergens werkt en je werkgever pensioen aanbiedt. Veel mensen vragen zich af vanaf welke leeftijd je precies pensioen opbouwt. Dit is de laatste jaren veranderd door een nieuwe wet. Dat heeft gevolgen voor heel veel werkenden. In deze blog lees je hoe dat werkt, wanneer je begint met pensioen sparen en waarom het handig is om er iets over te weten.

    Verandering in de wet: pensioen vanaf achttien jaar

    Tot voor kort begon pensioen opbouwen meestal vanaf je eenentwintigste verjaardag. Dat stond zo in de toen geldende afspraken. Sinds 2024 is dat veranderd. Door de nieuwe pensioenwet kunnen mensen nu al vanaf achttien jaar pensioen gaan opbouwen als zij werken en hun werkgever een pensioenregeling heeft. Deze verandering geldt voor bijna alle werkenden die via hun werk pensioen krijgen. Vroeger was het dus zo dat drie jaar later begonnen werd met sparen voor later, maar nu telt ieder jaar vanaf achttien jaar direct mee.

    Hoe werkt pensioen opbouwen via werk

    Werken en sparen voor je pensioen gaat vaak samen als je in dienst bent bij een bedrijf of organisatie met een pensioenregeling. Ieder maand zet je werkgever een deel van je salaris apart voor je pensioen. Meestal betaal je hier zelf ook aan mee. Alles wat je samen ‘inlegt’ met je werkgever wordt voor je bewaard tot je met pensioen gaat. Vanaf dat moment krijg je iedere maand een bedrag uitbetaald, als aanvulling op je AOW. Hoeveel je later krijgt, hangt af van hoeveel je werkt, hoeveel je verdient en natuurlijk hoelang je meedoet aan de regeling. Begin je jong, dan bouw je meer op.

    Waarom jong beginnen met pensioen belangrijk is

    Voor veel jongeren lijkt pensioen nog ver weg. Toch is het handig om te weten dat jong starten met opbouwen best wat kan opleveren. Omdat je langer de tijd hebt om te sparen, telt elk jaar meer mee. Als je op je achttiende werkt en pensioen opbouwt, zijn dat drie extra jaren ten opzichte van vroeger. Dit kan samen een mooi bedrag maken als je straks stopt met werken. Ook als je niet altijd fulltime werkt, bouw je toch voor elk gewerkt jaar iets op. Vroeg beginnen betekent vaak een hoger pensioenbedrag later.

    Wat betekent geen pensioenregeling op je werk

    Niet iedereen krijgt via zijn of haar werkgever pensioen. Bijvoorbeeld mensen met een eigen bedrijf, losse baantjes of werk waar geen regeling is afgesproken, bouwen vaak minder op. Dan mis je dus automatisch een deel van het bedrag dat anderen via hun werk sparen. Wil of moet je zelf sparen, dan kun je ervoor kiezen zelf pensioen te regelen. Dat heet ‘individueel pensioen opbouwen’. Je spaart dan vrijwillig, bijvoorbeeld via een bank of verzekeraar. Hoe vroeger je hiermee begint, hoe meer het kan opleveren.

    Wat gebeurt er als je wisselt van baan of stopt met werken

    Pensioen bouw je bij veel banen gewoon door, behalve als je een tijdje niet werkt of je werk verandert. Als je overstapt naar een nieuwe werkgever die ook pensioen biedt, krijg je vaak te maken met een andere regeling. Je oude pensioen blijft gewoon staan, maar kan soms ‘meegenomen’ worden door waardeoverdracht. Stop je tijdelijk met werken, bijvoorbeeld door studie, ouderschapsverlof of werkloosheid, dan bouw je soms tijdelijk geen extra pensioen op. Het is altijd slim om af en toe naar je opgebouwde pensioen te kijken. Zo weet je hoeveel je tot nu toe hebt gespaard en kun je zien of dit voldoende is voor straks.

    Veelgestelde vragen over vanaf welke leeftijd bouw je pensioen op

    • Vanaf wanneer is pensioen opbouwen mogelijk als je werkt in Nederland?

      Pensioen opbouwen via je werk is mogelijk vanaf achttien jaar, als je werkgever een pensioenregeling heeft.

    • Wat gebeurt er als je eerder werkte en jonger was dan achttien?

      Als je voor je achttiende werkte, bouwde je meestal geen pensioen op via je werkgever. Sinds 2024 kan dat pas vanaf achttien jaar.

    • Is het verplicht om mee te doen aan pensioenopbouw via de werkgever?

      Bij veel bedrijven en beroepen is meedoen verplicht als er een regeling is. Soms mag je kiezen of je wel of niet deelneemt, maar meestal is dit automatisch geregeld.

    • Kun je zelf aanvullend sparen als je geen pensioen via de werkgever opbouwt?

      Je kunt zelf sparen voor later als je werkgever geen pensioenregeling heeft. Dit regel je dan zelf via een bank of verzekeraar.

    • Wat gebeurt er bij wisseling van werkgever met je opgebouwde pensioen?

      Als je van baan wisselt, blijft het pensioen van je vorige werk staan waar je het hebt opgebouwd. Soms kun je het meenemen naar je nieuwe regeling, als je dat aanvraagt.

  • Alles wat je moet weten over de debiteur

    Alles wat je moet weten over de debiteur

    Een debiteur is een persoon of bedrijf waar je nog geld van krijgt voor producten of diensten die je al hebt geleverd. In het dagelijkse zakenleven komt deze term vaak voor, vooral bij bedrijven die op rekening verkopen. De rol van een debiteur is eenvoudig: deze moet jou nog betalen omdat je iets geleverd hebt maar het bedrag nog niet ontvangen is. Het is belangrijk om goed te weten wat debiteuren zijn, omdat niet op tijd betaald krijgen voor veel ondernemers problemen kan geven.

    Een debiteur uitgelegd

    Je spreekt van een debiteur zodra een klant iets bij je koopt en ervoor kiest later te betalen. Misschien heb je bijvoorbeeld een webwinkel en verkoop je een groot aantal boeken aan een school. De school ontvangt de factuur bij het pakket of na levering. Zolang de school niet heeft betaald, is het een debiteur. In je boekhouding houd je bij welke klanten nog openstaande bedragen bij je hebben staan. Zo weet je altijd wie jouw debiteuren zijn en hoeveel geld je nog teoed hebt. Dit is belangrijk, want zo hou je overzicht over het geld dat binnen moet komen.

    Het verschil tussen debiteuren en crediteuren

    In de financiële administratie kom je naast debiteuren ook het woord crediteuren tegen. Een crediteur is precies het tegenovergestelde van een debiteur. Waar een debiteur iemand is die jou nog moet betalen, is een crediteur juist iemand aan wie jij geld verschuldigd bent. Stel je koopt kantoorartikelen bij een andere winkelier, dan ben jij voor die winkel een debiteur en zij jouw crediteur. Door beide begrippen uit elkaar te houden, kun je makkelijker je administratie goed bijhouden. Je ziet dan snel welke bedragen nog binnen moeten komen en welke je nog moet betalen.

    Waarom het bijhouden van debiteuren belangrijk is

    Een overzicht van je openstaande facturen helpt je om problemen te voorkomen. Als je geld tegoed blijft houden van vele klanten, kan dat zorgen geven. Je bent immers afhankelijk van die inkomsten om rekeningen te betalen en je bedrijf draaiend te houden. Het is dus slim om je administratie duidelijk bij te houden en op tijd te controleren of er klanten zijn die nog niet betaald hebben. Veel bedrijven sturen een herinnering als betaling uitblijft. Zo voorkom je dat je in de problemen komt met je eigen geldzaken.

    Voorbeelden uit de praktijk

    In veel sectoren is het normaal dat klanten pas na ontvangst van een factuur betalen. Denk bijvoorbeeld aan bouwbedrijven die een klus afronden, waarna de klant betaalt volgens afspraak. Ook bij leveranciers die producten afleveren aan winkels, staan de betalingen meestal op rekening. Supermarkten en andere winkels hebben vaak een aparte medewerker of afdeling die de debiteurenadministratie verzorgt. Zo weten ze precies hoeveel klanten nog moeten betalen, en wanneer ze actie moeten ondernemen als een betaling uitblijft.

    Tips om het overzicht te houden bij debiteuren

    Het gebruik van een boekhoudprogramma kan je helpen om het overzicht te bewaren. Hierin vul je eenvoudig in welke klant welke factuur nog moet voldoen, zodat je dit niet zelf hoeft op te schrijven of onthouden. Sommige systemen sturen zelfs automatisch een waarschuwing als de betalingstermijn bijna verloopt. Ook kun je kiezen om vooraf te laten betalen, waardoor je minder te maken krijgt met openstaande bedragen. Maar als je toch vaak op rekening levert, blijf dan goed opletten en stuur op tijd een vriendelijke herinnering als het geld niet snel binnenkomt.

    Veelgestelde vragen over debiteuren

    Wanneer wordt iemand een debiteur?
    Iemand wordt een debiteur zodra hij of zij een product of dienst heeft ontvangen, maar de rekening nog niet heeft betaald. Dit gebeurt meestal als je eerst levert en later de betaling verwacht.

    Wat gebeurt er als een debiteur niet betaalt?
    Als een debiteur niet betaalt, kun je een herinnering sturen. Blijft de betaling uit, dan kun je uiteindelijk een incassobureau inschakelen om het geld alsnog te ontvangen.

    Staan bedrijven altijd debiteuren toe?
    Niet alle bedrijven werken met debiteuren. Sommige vragen klanten om direct te betalen. Anderen bieden juist de mogelijkheid om op rekening te kopen, vooral aan vaste zakelijke klanten.

    Wat betekent het voor mijn administratie als ik debiteuren heb?
    Als je debiteuren hebt, betekent dat je in je boekhouding moet bijhouden wie nog moet betalen en om welk bedrag het gaat. Zo behoud je overzicht over je inkomsten.

    Hoe herken ik het verschil tussen een debiteur en een crediteur?
    Je herkent het verschil door te kijken naar de richting van het geld. Een debiteur moet jou betalen, terwijl jij een crediteur moet betalen.

  • Alles wat je moet weten over crediteuren

    Alles wat je moet weten over crediteuren

    Geld dat je nog moet betalen aan anderen

    Crediteuren zijn mensen of bedrijven die jij nog geld moet betalen. Dit gebeurt meestal als je iets hebt gekocht, maar nog niet meteen hebt afgerekend. Denk bijvoorbeeld aan een bestelling bij een groothandel of leverancier die je later mag betalen. Op dat moment ben jij nog geld schuldig. Zolang de rekening niet is voldaan, is de leverancier jouw crediteur. Dit komt veel voor in het bedrijfsleven. In winkels betaal je vaak direct, maar bedrijven regelen betalingen vaak op rekening.

    Het belang van overzicht houden over openstaande rekeningen

    Voor bedrijven is het belangrijk om precies bij te houden wie hun crediteuren zijn. Als je niet goed weet aan wie je nog geld moet betalen, kun je te laat betalen of zelfs te veel betalen. Dat kan problemen geven met leveranciers, die dan misschien niet meer willen leveren. Soms krijg je boetes als je laat bent met betalen. Daarom is overzicht erg handig. In de administratie staan alle namen en bedragen netjes op een rij. Zo weet je altijd welke rekeningen nog openstaan en wanneer je moet betalen.

    Het verschil tussen debiteuren en crediteuren

    Het kan verwarrend zijn: wat is nu het verschil tussen debiteuren en crediteuren? Debiteuren zijn klanten die jou nog moeten betalen. Crediteuren zijn juist partijen aan wie jij nog geld verschuldigd bent. Je kunt het onthouden met een ezelsbruggetje: bij crediteuren moet jij het geld nog weggeven, bij debiteuren moet je het juist nog krijgen. Beide begrippen zijn belangrijk in de administratie van bedrijven. Zo houden ze overzicht over alle openstaande betalingen en ontvangen bedragen.

    Voorbeelden uit de praktijk

    Een bedrijf bestelt dozen papier bij een leverancier. De dozen worden afgeleverd en de factuur bedraagt 200 euro. Het bedrijf hoeft niet direct te betalen, maar mag binnen dertig dagen het bedrag overmaken. In de tussenliggende periode is de papierleverancier een crediteur van het bedrijf. Na betaling verdwijnt deze naam weer van de lijst met crediteuren. Dit soort afspraken zijn heel normaal voor bedrijven en zorgen ervoor dat ze niet telkens geld klaar hoeven te hebben op het moment van bestellen. Op deze manier kun je als ondernemer makkelijker plannen wanneer je betaalt en wanneer geld binnenkomt.

    Waarom bedrijven hun crediteuren graag tevreden houden

    Bedrijven willen een goede naam houden bij hun leveranciers. Op tijd betalen aan je crediteuren helpt daarbij. Leveranciers vinden het fijn als ze op tijd hun geld ontvangen. Betalen bedrijven te laat, dan kunnen ze minder vertrouwen krijgen in hun klant. Soms is het lastiger om spullen of diensten geleverd te krijgen als er onvoldoende vertrouwen is. Door netjes met crediteuren om te gaan, blijft een bedrijf betrouwbaar. Dat maakt het ook makkelijker om te onderhandelen over prijs of betalingsvoorwaarden.

    Veelgestelde vragen over wat zijn crediteuren

    • Waarom worden bedrijven crediteuren genoemd als je nog moet betalen?

      Bedrijven of personen worden crediteuren genoemd omdat ze jou iets hebben geleverd, maar er nog geld voor moeten krijgen. Jij bent hun klant die nog moet betalen.

    • Kan een bedrijf ook zelf crediteur zijn bij iemand anders?

      Ja, als een bedrijf goederen of diensten koopt en nog niet heeft betaald, dan is het bedrijf de schuldenaar. De verkoper is in dat geval de crediteur.

    • Wat gebeurt er als ik mijn crediteuren te laat betaal?

      Als je jouw crediteuren te laat betaalt, kan dat zorgen voor extra kosten, zoals boetes of rente. Een leverancier kan ook minder snel of zelfs helemaal niet meer willen leveren.

    • Kun jij als particulier ook een crediteur hebben?

      Als particulier heb je meestal minder met het begrip crediteur te maken, omdat je vaak direct betaalt. Maar als je bijvoorbeeld een grote aankoop doet en in termijnen betaalt, is het bedrijf nog jouw crediteur tot alles is betaald.

  • Alles wat je wilt weten over btw of marge auto bij aankoop en verkoop

    Alles wat je wilt weten over btw of marge auto bij aankoop en verkoop

    Btw-auto’s en marge-auto’s worden anders belast. Een Btw-auto is een auto die altijd bij een bedrijf in bezit is geweest of als bedrijfswagen is gebruikt. Over deze auto zit nog altijd belasting op de verkoopprijs. Wie de auto koopt, betaalt btw over de verkoopprijs. Ben je ondernemer en koop je zo’n auto voor je bedrijf, dan mag je deze belasting meestal terugvragen bij de Belastingdienst. Een marge-auto is een auto die op naam stond van een particulier. De btw is toen bij de eerste verkoop betaald en daarna hoeft er bij volgende verkopen geen extra belasting over de prijs berekend te worden. Je herkent een marge-auto vaak aan het aankoopbewijs; de factuur heeft geen aparte btw-regel. Het is duidelijk dat het soort auto invloed heeft op de zakelijke mogelijkheden met belasting.

    Het verschil tussen een btw-auto en marge-auto

    Btw-auto’s en marge-auto’s worden anders belast. Een Btw-auto is een auto die altijd bij een bedrijf in bezit is geweest of als bedrijfswagen is gebruikt. Over deze auto zit nog altijd belasting op de verkoopprijs. Wie de auto koopt, betaalt btw over de verkoopprijs. Ben je ondernemer en koop je zo’n auto voor je bedrijf, dan mag je deze belasting meestal terugvragen bij de Belastingdienst. Een marge-auto is een auto die op naam stond van een particulier. De btw is toen bij de eerste verkoop betaald en daarna hoeft er bij volgende verkopen geen extra belasting over de prijs berekend te worden. Je herkent een marge-auto vaak aan het aankoopbewijs; de factuur heeft geen aparte btw-regel. Het is duidelijk dat het soort auto invloed heeft op de zakelijke mogelijkheden met belasting.

    Waarom het uitmaakt voor ondernemers

    Voor bedrijven maakt het veel verschil of ze een Btw-auto kopen of een marge-auto. Wie een Btw-auto koopt voor zakelijk gebruik, kan de btw vaak aftrekken. Dit verlaagt de kosten van het bedrijf. Bij marge-auto’s kan dat niet; er is geen btw meer over de verkoopprijs, dus er valt niets terug te vragen. Dit geldt zowel als je koopt bij een garage als bij een handelaar die met auto’s werkt. Veel ondernemers kiezen dus bewust voor een auto met btw, zodat ze kunnen profiteren van de aftrek. Houd er wel rekening mee dat bij een latere verkoop van deze auto opnieuw btw moet worden betaald over de verkoopprijs, als je verkoopt aan een bedrijf.

    Het belang voor particulieren bij aanschaf

    Voor mensen die privé een auto kopen maakt het verschil tussen een marge-auto en Btw-auto vaak minder uit. Zij kunnen de belasting namelijk niet terugvragen. Toch is het slim om even op te letten. Wie een marge-auto koopt, weet dat er geen extra belasting meer bij komt. De prijs die je ziet, is precies wat je betaalt. Koop je een Btw-auto bij een garage, dan zit de belasting meestal al inbegrepen in de prijs. Soms staat het apart op de factuur. Controleer dus goed bij het kopen wat de situatie is, zodat je niet onverwachts een hogere prijs hoort bij de aflevering.

    Hoe herken je het soort auto op papier

    Een handig punt bij aankoop of verkoop is om goed naar de factuur te kijken. Bij een Btw-auto staat de belasting vaak apart vermeld met een percentage van 21 over de verkoopprijs. Bij een marge-auto wordt meestal alleen het totaalbedrag genoemd en ontbreekt een aparte post voor de belasting. Vraag altijd naar het soort factuur als je twijfelt. Bij sommige auto’s kun je aan de verkoopgeschiedenis zien of het een zakelijke of particuliere auto was, maar dit is niet altijd te achterhalen. Vraag hierom bij de garage of de verkoper; zij weten precies welk soort het is en moeten dat eerlijk melden.

    Verkopen van een auto: waar moet je op letten?

    Als je als particulier een auto verkoopt, hoef je geen belasting af te dragen; je verkoopt immers een marge-auto. Bij bedrijven ligt het anders. Ze moeten bij een Btw-auto bij verkoop de belasting over de verkoopprijs afdragen. Dat betekent dat bedrijven soms minder overhouden aan een verkoop als ze aan een particulier verkopen. Andersom geldt: als een particulier een Btw-auto koopt van een bedrijf, dan zit de belasting meestal in de prijs. Duidelijkheid hierover voorkomt verrassingen bij de overdracht en wat er op de factuur staat is altijd leidend bij belastingzaken.

    Meest gestelde vragen over btw of marge auto

    • Hoe weet ik zeker of mijn auto een marge-auto is?

      Of een auto een marge-auto is, zie je op de factuur. Staat er geen aparte btw vermeld, dan is het een marge-auto. Vraag onder twijfel altijd de verkoper om uitleg.

    • Wat zijn de voordelen van een btw-auto voor bedrijven?

      De voordelen van een btw-auto voor bedrijven zijn, dat bedrijven de belasting over de koopprijs kunnen terugvragen. Zo drukken de kosten van de aankoop minder op het bedrijf.

    • Kan ik als particulier iets met de btw bij aanschaf?

      Als particulier kun je meestal niets met de btw bij aanschaf van een auto. Je mag die belasting niet terugvragen bij de Belastingdienst. De prijs is voor jou het belangrijkste.

    • Wat gebeurt er met de belasting bij het doorverkopen van een btw-auto?

      Bij het doorverkopen van een Btw-auto moet een bedrijf weer belasting rekenen over de verkoopprijs, als de verkoop aan een ander bedrijf is. Verkoop je als particulier, dan is dit niet nodig.

    • Is de prijs van een marge-auto vaak lager of hoger dan een btw-auto?

      De prijs van een marge-auto is meestal niet direct lager of hoger alleen door de naam. Het hangt meer af van leeftijd, kilometerstand en onderhoud van de auto. Wel kunnen bedrijven meer bieden op een auto met een btw-status.

  • Wat kost een verzuimverzekering voor jouw bedrijf?

    Wat kost een verzuimverzekering voor jouw bedrijf?

    De vraag wat kost een verzuimverzekering is voor veel werkgevers belangrijk. Een zieke medewerker kan veel geld kosten. Met zo’n verzekering dek je deze financiële risico’s af. Toch wil je eerst weten wat je ongeveer moet betalen. Dit hangt af van verschillende dingen, zoals de salarissen in je bedrijf en het aantal mensen dat bij je werkt.

    De hoogte van de premie bepaalt de kosten

    De premie van een verzuimverzekering is niet voor iedereen gelijk. Verzekeraars kijken naar het totale bedrag dat je als salaris betaalt in een jaar. Dit noemen zij de loonsom. De premie die je betaalt is meestal tussen de 1,5 en 5,5 procent van deze loonsom. Stel je betaalt je medewerkers samen 500.000 euro aan loon per jaar. Dan ligt jouw premie vaak ergens tussen de 7.500 en 27.500 euro per jaar, afhankelijk van het percentage dat de verzekeraar vraagt. Vaak ligt het gemiddelde rond de 3 procent. Dit betekent dat je voor een loonsom van 500.000 euro ongeveer 15.000 euro premie betaalt per jaar.

    Welke factoren beïnvloeden de premie?

    Er zijn verschillende zaken die ervoor zorgen dat de premie hoger of lager uitvalt. Het soort werk dat je medewerkers doen is belangrijk. In beroepen waar mensen meer risico lopen om ziek te worden, is de premie vaak hoger. Ook je verzuimgeschiedenis telt mee. Waren jouw medewerkers de afgelopen jaren vaak ziek? Dan betaal je waarschijnlijk meer dan een bedrijf waar bijna niemand zich ziek meldt. Daarnaast maakt het mee of je als bedrijf juist veel doet om ziekte te voorkomen. Sommige verzekeraars belonen goede zorg voor je personeel zelfs met een lagere premie.

    Wat krijg je voor het geld dat je betaalt?

    De kosten van een verzuimverzekering zijn dus een deel van de jaarlijkse uitgaven voor jouw bedrijf. Maar wat krijg je daarvoor?

    Je verzekering betaalt een groot deel van het loon door van mensen die ziek zijn. Zo voorkom je dat je als werkgever lange tijd alle kosten zelf moet dragen. Vaak krijg je van de verzekering ook hulp bij het begeleiden van zieke medewerkers. Denk aan advies over re-integratie, praktische hulp bij administratie of snelle tips om ziekte in de toekomst te voorkomen. Sommige verzekeraars bieden extra steun, bijvoorbeeld een vertrouwenspersoon of snelle toegang tot een bedrijfsarts.

    Zelf keuzes maken over dekking en wachttijd

    Je kunt zelf bepalen hoeveel risico je wilt verzekeren. Sommige bedrijven kiezen voor een hoger eigen risico of langere wachttijd. Dat betekent dat je bijvoorbeeld de eerste twee weken het loon bij ziekte zelf blijft betalen voordat de verzekering ingaat. Kies je voor een lagere premie? Dan moet je zelf meer betalen als iemand ziek wordt. Met een uitgebreide dekking betaal je wat meer, maar ben je wel sneller en beter beschermd tegen de kosten van ziekte.

    Wat kost verzuim als je geen verzekering afsluit?

    Zonder verzekering draag je alle loonkosten zelf. In Nederland moet een werkgever een zieke medewerker tot wel 2 jaar loon doorbetalen. Daarbij komen ook kosten voor begeleiding, vervanging van personeel en re-integratie.

    Voor kleine bedrijven kunnen deze kosten flink oplopen. Met een verzuimverzekering koop je dus zekerheid. Je weet beter waar je aan toe bent. Sommige bedrijven rekenen eerst zonder verzekering en vergelijken die prijs met de premie, voordat zij een keuze maken.

    Veelgestelde vragen over wat kost een verzuimverzekering

    • Hangt de premie van een verzuimverzekering alleen af van het aantal medewerkers?

      De premie van een verzuimverzekering hangt niet alleen af van het aantal medewerkers, maar vooral van de totale loonsom van je bedrijf. Ook het soort werk en je verzuimgeschiedenis spelen een rol.

    • Betaal je altijd hetzelfde tarief voor een verzuimverzekering?

      Het tarief voor een verzuimverzekering verschilt per verzekeraar en per situatie. Factoren als het ziekteverzuim in het verleden, de branche en het soort dekking bepalen het uiteindelijke bedrag.

    • Is een verzuimverzekering verplicht als werkgever?

      Een verzuimverzekering is niet verplicht, maar veel bedrijven kiezen er wel voor. Je moet als werkgever namelijk wettelijk het loon bij ziekte doorbetalen. De verzekering beschermt je tegen onverwachte hoge kosten.

    • Kun je de premie van een verzuimverzekering aftrekken bij de belasting?

      Ja, de premie voor een verzuimverzekering is in de meeste gevallen een zakelijke uitgave. Je mag deze kosten dus meestal aftrekken van de belasting als bedrijf.

    • Is het mogelijk om eerst zonder verzekering te beginnen en later alsnog af te sluiten?

      Het is mogelijk om eerst zonder verzekering te starten en deze later alsnog af te sluiten. Houd er wel rekening mee dat een verzekeraar kijkt naar het verzuim in het verleden als je je wilt verzekeren.